Een eetstoornis draait niet om eten

Vaak zit er iets onder. Eenzaamheid, onzekerheid of faalangst bijvoorbeeld. Misschien maak je je zorgen dat er ook iets bij jouw kind speelt en weet je niet wat je nu moet doen.

Op deze pagina lees je welke signalen op een eetstoornis kunnen wijzen en hoe je met je kind in gesprek kan gaan. Zodat duidelijk wordt wat er op het bord van jouw kind ligt. En welke organisaties jullie daarbij kunnen helpen.

Herken de signalen

Vaak is het eerste wat je (echt) opvalt, het eetgedrag van je kind. Maar een eetstoornis heeft bijna altijd een onderliggend probleem. Daarom zijn er vóór die tijd meestal al andere signalen zichtbaar – veranderingen die niets met eten te maken hebben. Hierdoor denken ouders vaak niet meteen aan een eetstoornis, terwijl de signalen er dus wel zijn.

Hieronder vind je een lijst met signalen die erop kunnen wijzen dat je kind een eetstoornis heeft. Herken je er meerdere? Dan is het verstandig om met je kind in gesprek te gaan.

Gedrag
Je krijgt moeilijker contact met je kind of voelt minder verbinding.
Je kind verandert. Het wordt bijvoorbeeld stiller of juist veel drukker.
Je kind is vaak moe of heeft moeite met concentreren.
Je kind doet steeds minder sociale dingen.
Gevoelens en gedachten
Je kind is snel geïrriteerd of boos.
Je kind is angstig, gespannen of piekert veel.
Je kind is erg perfectionistisch of heeft een sterke behoefte aan controle.
Je kind heeft een negatief zelfbeeld of het gevoel niet goed genoeg te zijn.
Lichaam
Je kind kijkt opvallend veel naar het eigen lichaam of ontwijkt dit juist.
Je kind is veel met het eigen lichaam bezig, bijvoorbeeld met de vorm, het gewicht, de gezondheid of de spiermassa.
Je kind heeft een negatief of vertekend lichaamsbeeld.
Je kind beweegt extreem veel, het lijkt een obsessie.
Eten
Eten en eetmomenten zorgen steeds vaker voor spanning of discussie.
Je kind weigert om te eten, stelt eten uit of eet heel snel/langzaam.
Je kind eet stiekem, verstopt eten (om later te kunnen eten) of heeft lege verpakkingen op de kamer liggen..
Je kind lijkt na het eten bezig te zijn met goedmaken (compenseren) dat het heeft gegeten.
Je kind is veel bezig met calorieën of ‘goed/fout’ eten.

In Nederland hebben ruim 220.000 mensen een eetstoornis

‘Ik zag het pas toen het al te laat was’

“Julia en ik waren met z’n tweetjes naar Parijs geweest. In vier dagen liepen we heel veel, zij hield de kilometers bij. Toen we thuis waren, was ze boos. Ze was maar heel weinig afgevallen. Op dat moment viel voor mij alles van de afgelopen maanden op z’n plaats. Alle smoezen waarom ze niet mee at. Het eten dat ik verstopt op haar kamer had gevonden.”

De informatie en ervaringsverhalen op deze site zijn niet geschikt om mee vast te stellen of iemand een eetstoornis heeft. Er kan ook iets anders aan de hand zijn.
Maak je je zorgen, neem dan altijd contact op met de huisarts en vraag om hulp.

Hoe begin je het gesprek?

Je maakt je zorgen of je kind een eetstoornis heeft, maar weet niet hoe je het gesprek begint zonder dat je kind boos wordt, zich afsluit of zegt wat jij wilt horen. Kort samengevat heeft je kind behoefte aan drie dingen: rust, veiligheid en begrip. Onderstaande tips kunnen daarbij helpen. Weet dat het gesprek niet perfect hoeft te gaan. Het belangrijkste is dat je begint en iets in beweging zet.

Dit kan helpen:

  • Kies voor een rustig moment en een veilige plek.
  • Ga het gesprek aan tijdens een simpele activiteit, zoals de afwas, een wandeling of een autorit.
  • Het is fijn als je naast elkaar zit of staat, niet tegenover elkaar.
  • Probeer een open houding aan te nemen. Luister naar je kind om te begrijpen, niet om te oordelen.
  • Probeer geduldig te zijn, toon begrip en leef je in.

Probeer hierop te letten:

  • Begin het gesprek niet als je boos of gestrest bent.
  • Probeer je angst of frustratie niet te laten merken. Probeer ook niet boos, beschuldigend of veroordelend te praten.
  • Begin het gesprek niet tijdens, voor of na het eten.
  • Begin niet (meteen) over eten of bewegen, focus op de gevoelens van je kind.
  • Doe geen aannames. Vertel wat je ziet en vraag door.

Het is niet erg als sommige dingen toch gebeuren. Zo gaat dat soms met moeilijke gesprekken. Wees trots dat je de eerste stap hebt gezet, geef jezelf en je kind de ruimte om het gesprek te laten zakken en probeer het op een ander moment opnieuw.

Sluit je kind het gesprek af?

Bijvoorbeeld door boos te worden of te zeggen dat er niks aan de hand is? Laat je kind dan merken dat het altijd op het onderwerp terug mag komen. Zeg bijvoorbeeld: ‘Als je hier later nog iets over wil zeggen, ik ben er altijd voor je.’ Of: ‘Mocht je toch met iets zitten, weet dat ik er altijd voor je ben en dat je je nergens voor hoeft te schamen.’ Zo zorg je voor veiligheid en maak je het makkelijker voor je kind om het gesprek op een ander moment opnieuw te openen.

Gespreksstarters

Deze zinnen kunnen je helpen om het gesprek te openen.

Ik heb het idee dat je je niet fijn voelt. Klopt dat?
Wat kan helpen om je fijner te voelen? Zal ik met je meedenken?
Ik hoor je vaak streng over jezelf praten. Laatst zei je bijvoorbeeld...
Wat is op dit moment het moeilijkst voor je?
Als je spanning voelt, wat kan jou dan helpen?
Wat doe je als het allemaal te veel wordt?
Het valt me op dat je steeds vaker boos bent. Kan ik je helpen?
Ik heb het gevoel dat je stress hebt. Is er iets waar je je zorgen over maakt?

Waar of niet waar?

Een eetstoornis is niet altijd makkelijk te herkennen. Dat komt ook omdat er veel misverstanden over bestaan. Weet jij wat waar is en wat niet?

Alleen meisjes krijgen een eetstoornis

Niet waar

Iedereen kan een eetstoornis krijgen, wat je gender, leeftijd of achtergrond ook is.

Lichamelijke klachten kunnen wijzen op een eetstoornis

Waar

Klachten zoals vermoeidheid, duizeligheid, concentratieproblemen, rillen, zweten, hoofdpijn, het snel koud hebben en veranderingen in menstruatie of gewicht, kunnen een signaal zijn. Vooral als je kind ook nieuw en opvallend gedrag vertoont rondom eten of het eigen lichaam.

Je kunt zien of iemand een eetstoornis heeft

Niet waar

Veel mensen denken bij een eetstoornis aan mensen die heel dun zijn. Maar ook mensen met een gezond gewicht of overgewicht kunnen een eetstoornis hebben. Sterker nog: de meeste mensen met een eetstoornis hebben geen ondergewicht. Ook gaan mensen met een eetstoornis vaak ‘gewoon’ door met werken, studeren en sociale dingen ondernemen, terwijl ze van binnen een strijd voeren.

Een eetstoornis gaat vaak vanzelf over

Niet waar

Een eetstoornis gaat meestal niet vanzelf over en kan grote gevolgen hebben voor iemands gezondheid en geluk. Hoe eerder je een eetstoornis herkent, hoe groter de kans op herstel. Daarnaast zijn professionele hulp en steun van familie en vrienden ontzettend belangrijk.

Goed genoeg. Een eetstoornis draait niet om eten.

Wat gaat er schuil achter een eetstoornis? In Goed genoeg volgen we Kim, die ons meeneemt in haar persoonlijke verhaal. Over wat je aan de buitenkant niet altijd ziet, en over de gedachten, gevoelens en patronen achter een eetstoornis.

Met deze documentaire willen Stichting Kiem en Cinetree bijdragen aan meer begrip voor wat een eetstoornis werkelijk betekent.

De docu gaat op 2 november in première.
Vanaf 3 november is deze te zien op Cinetree.nl.

Online informatieavond

Maak jij je zorgen om je kind en heb je behoefte aan meer houdvast? Begin 2027 organiseren we informatiebijeenkomsten voor ouders die twijfelen of er bij hun kind sprake is van een eetstoornis. Je hoeft dit niet zeker te weten om deel te nemen. Twijfel is genoeg reden om te komen.

Wil je een bericht ontvangen zodra de data bekend zijn? Laat dan je gegevens achter.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Waar kun je terecht voor hulp?

Met alleen de informatie en verhalen op deze site kun je niet vaststellen of je kind een eetstoornis heeft. Er kan ook iets anders aan de hand zijn. Maak je je zorgen? Neem dan contact op met je huisarts. Die kan jullie verder helpen. Een eetstoornis kan alleen vastgesteld worden door een kinderarts, psycholoog of psychiater.

Ben je op zoek naar steun of meer informatie? Dan kun je terecht bij deze organisaties:

Wil je ons steunen?

Met deze campagne wil Stichting Kiem ouders, naasten en zorgprofessionals helpen signalen van een eetstoornis eerder te herkennen en sneller hulp te zoeken. Wil je bijdragen aan dit werk? Dan kun je Stichting Kiem steunen met een eenmalige of maandelijkse donatie. Elke bedrag helpt om meer mensen te bereiken. Zodat we samen de impact van eetstoornissen kunnen minimaliseren.

Over deze campagne

De campagne ‘Wat ligt er op je bord?’ is een initiatief van Stichting Kiem. Bij de ontwikkeling hebben we nauw samengewerkt met ervaringsdeskundigen, professionals en organisaties uit het eetstoornissenveld. Hun inzichten en expertise hebben geholpen om de campagne zorgvuldig en herkenbaar vorm te geven. Met deze campagne wil Stichting Kiem bijdragen aan het eerder herkennen van eetstoornissen. Want hoe eerder signalen gezien worden, hoe eerder kinderen, jongeren en gezinnen de juiste ondersteuning kunnen krijgen.