ARFID

Als je ARFID hebt, vermijd je voedsel met een bepaalde structuur, kleur, geur of smaak. Of je eet te weinig om gezond te blijven. Je kunt het ook allebei tegelijkertijd doen. Hoe eerder je hulp krijgt, hoe groter de kans dat je weer beter wordt.

ARFID staat voor Avoidant Restrictive Food Intake Disorder. Met je gewicht of lichaam ben je niet bezig. Het kan je niet schelen of je aankomt of afvalt. Daarom is ARFID een voedingsstoornis en geen eetstoornis. Maar dat maakt de impact niet minder groot.

 

Weerzinwekkende geuren, smaken en structuren 

Jouw zintuigen vinden bepaalde structuren, kleuren, geuren of smaken van voedsel vreselijk. Je walgt er bijvoorbeeld van als iets knapperig is. Misschien heb je vroeger iets naars met eten meegemaakt. Je bent bijvoorbeeld bijna gestikt in een stukje appel, moest overgeven van eten dat bedorven was of kreeg ergens erge darmklachten van.

 

ARFID kan op elke leeftijd ontstaan 

Heel jonge kinderen lopen een hoger risico om ARFID te ontwikkelen. Het kan ook op latere leeftijd ontstaan. Door een nare ervaring met eten bijvoorbeeld, of een angststoornis. Met je ouders vinden dan soms een manier om ermee om te gaan. Als je later gaat werken of een partner krijgt, kan de stoornis je weer in de weg gaan zitten.

 

Dit zijn symptomen van ARFID

Er zijn veel verschillende vormen van ARFID. En veel verschillende symptomen. Een paar voorbeelden: 

  • Je kunt heel bang zijn tijdens het eten. Dan kauw je bijvoorbeeld lang op wat je in je mond hebt, neem je kleine hapjes en slokjes. Of je eet geen voedsel dat een bepaalde kleur heeft. 
  • Sommige mensen met ARFID eten altijd hetzelfde. Dat voedsel vinden ze veilig en vertrouwd.
  • Je kunt moeite hebben met het herkennen van honger, of voelt je al vol na een paar hapjes. Eten wordt dan iets dat moet, niet iets waar je plezier aan beleeft. Het is lastig voor je om voldoende eten binnen te krijgen.

Gevolgen van ARFID

  • Op je gezondheid  

ARFID kan grote gevolgen hebben voor je lichamelijke en geestelijke gezondheid. Als je te weinig eet, kun je ernstig afvallen. Bij kinderen kan de groei achterblijven. Als je structureel bepaalde ongezonde dingen eet, kun je juist overgewicht krijgen. Door de eenzijdige voeding ontstaat er in beide gevallen een tekort aan voedingsstoffen. Als je te weinig ijzer binnenkrijgt, kan dat bijvoorbeeld leiden tot bloedarmoede. Daardoor kun je je futloos en duizelig voelen.

  • Op je dagelijkse leven 

ARFID kan je leven behoorlijk in de war brengen.  Of je nou op school bent, op je werk, thuis, of iets leuks gaat doen, er komt bijna altijd wel eten aan te pas. Terwijl deze momenten voor jou helemaal niet gezellig zijn. Ook kun je opzien tegen reacties van anderen. Die zeggen misschien: ‘Doe niet zo moeilijk, eet gewoon wat’. Ook voor je familie en vrienden kan eten stressvol worden. Sommige mensen met ARFID schamen zich zo dat ze liever alleen eten.

 

Maak je je zorgen? Zoek hulp

Het is niet altijd duidelijk dat iemand lijdt aan ARFID. Maak je je zorgen om jezelf, of iemand anders? En herken je misschien niet alle, maar wel een paar signalen? Bespreek dit en zoek hulp. Een afspraak met de huisarts is een goede eerste stap.